22 december 2019

Goede kost

Filmrecensie van Nebraska (2013)

Regie: Alexander Payne

Sinds enkele jaren bied ik samen met ds Egbert Rietveld onder de noemer Goede kost een programma aan van maaltijd en film, ontmoeting en gesprek. Want niet alleen de innerlijke mens heeft behoefte aan voedsel, ook spirituele voeding is hoogst noodzakelijk. In de Dorpskerk te Heinkenszand komen we vier keer per jaar bijeen voor een eenvoudige, maar voedzame maaltijd, waaronder de geanimeerde gesprekken worden gevoerd. Na een uurtje bekijken we een 'voedzame' film die aanleiding geeft tot uitwisseling en verdieping.

Vastbesloten

In oktober keken we naar Nebraska (2013), een tragikomische roadmovie over de reis die Woody Grant maakt om de prijs te incasseren van een – zo meent hij – winnend lot. Een miljoen dollar, jaja! Hij moet wel de prijs vanuit zijn woonplaats Billings, Montana, persoonlijk ophalen in Lincoln, Nebraska. Dat is een reis van een slordige 1000 kilometer. Iedereen in zijn omgeving beseft, dat het pure volksverlakkerij is, maar Woody is vastbesloten zijn prijs in ontvangst te nemen.

Hoewel hij onvermurwbaar is in zijn voornemen, leren we Woody ook kennen als Korea-veteraan, alcoholist en echtgenoot in een bloedeloos huwelijk. Zijn vrouw Kate is een bazig mens. Als geen ander kan ze vitten op alles en iedereen. Er zijn twee zonen, David en Ross. De eerste trekt op zijn vader en de tweede op zijn moeder. David, niet erg succesvol als verkoper van audioapparatuur, gaat uiteindelijk met zijn vader op pad om diens droom te volgen. Van de prijs wil Woody een nieuwe truck en een compressor kopen, al wordt nergens in het verhaal precies duidelijk wat hij met deze 'bezittingen' wil doen. Woody heeft niet eens een geldig rijbewijs. Misschien wil hij met de nieuwe spullen vooral zijn gevoel van eigenwaarde opkrikken. En dat is precies wat David doet besluiten om de reis samen met zijn vader te aanvaarden.

15 december 2019

Tekens van hoop

Overweging bij de 3e zondag van de Advent (jaar A)

Lezingen: Jesaja 35,1-6a.10; Matteüs 11,2-11

De herinnering aan Nelson Mandela roept bij veel mensen nog steeds positieve gevoelens en diep respect op. Misschien is het meest kenmerkende aan deze man wel, dat hij na zevenentwintig jaar gevangenschap naar buiten kwam zonder verbittering. Hij heeft beseft, dat de fysieke vrijlating geen enkele betekenis zou hebben, als hij niet in staat zou zijn tot verzoening. Want dan zou hij nog steeds gevangen zitten, maar dan in wrok en rancune. Hij heeft een andere keuze gemaakt. Een keuze, die kansen bood en toekomst heeft opengelegd. Nelson Mandela is een groot man. Een profeet in de huidige tijd. Hij heeft niet alleen Zuid Afrika, maar heel de wereld een nieuwe toekomst gegeven. Hij heeft ons geleerd, dat wij onze samenleving kunnen opbouwen vanuit verzoening en vergevingsgezindheid. Hij heeft laten zien, dat wij kunnen bouwen op tekens van hoop.

Maar dat vraagt wel om geduld en vertrouwen. En het vraagt om geloof in kleine tekens van hoop, in soms hele minieme aanwijzingen die de goede richting wijzen. Het evangelie vertelt, dat Johannes – terwijl hij gevangen zit – hoort over alles wat Jezus tot stand brengt: zieke mensen worden genezen, doden tot leven gewekt en aan arme mensen wordt goed nieuws gebracht. Deze goede berichten klinken Johannes nogal onwaarschijnlijk in de oren. Ze roepen de vraag op, of Jezus toch echt wel de Messias is naar wie vol hoop werd uitgezien. De genezingen en de bevrijding van armoede zijn precies de tekens van het nabije koninkrijk van God. Als je daarop durft te vertrouwen, dan ben je in staat om hoop te hebben Dan ben je in staat om te geloven dat zelfs onmogelijke dingen mogelijk kunnen worden.

01 december 2019

Toekomst dichterbij brengen

Overweging op de 1e zondag van de Advent (jaar A)

Lezingen: Jesaja 2,1-5; Romeinen 13,11-14; Matteüs 24,37-44

Agenten en ambulanceverplegers worden meer en meer geconfronteerd met agressie, ook als ze niet in dienst zijn. Er is veel onrust in de onderwijswereld, in de zorgsector, onder boeren, in de wereld van aannemers. Bij de integriteit van regeringsleiders worden serieuze vraagtekens geplaatst. Ook in ons persoonlijke leven is er vaak onrust, frustratie, teleurstelling of ernstige ziekte. Sommige mensen zien maar geen licht in hun dagen. Het seizoen doet daar nog een schepje bovenop: kou, duisternis en neerslag drijven ons naar de warme huiskamer.

Verlangen

Toch leeft het verlangen in ieder mens om te kunnen leven in veiligheid en harmonie. Mensen verlangen naar vrede en rechtvaardige verhoudingen. Het is een verlangen van vandaag, maar ook van lang geleden. We hebben dat beluisterd in de woorden van de profeet Jesaja. We moeten ons de volgende situatie voorstellen. In de achtste eeuw voor onze jaartelling was Juda, in het zuidelijke deel van het huidige Israël, een welvarend land. Maar de leiders van het volk hebben zich verrijkt ten koste van de gewone man. De weduwen en de wezen wordt geen recht verschaft. In die omstandigheden klinkt het visioen, dat we hoorden in de eerste lezing: Op het einde der dagen zullen alle volken optrekken naar de berg van de Heer. Dat wil zoveel zeggen als: dan zal er weer recht gesproken worden, dan zullen de machthebbers niet meer over de armen heen lopen. Dan, op het einde der dagen.

17 november 2019

De liefde zichtbaar

Overweging op de 33e zondag door het jaar (jaar C)
Werelddag van de armen

Lezingen: Maleachi 3,19-20a; 2 Tessalonicenzen 3,7-12; Lucas 21,5-19

Bij een vrouw van 43 jaar is kanker aan de alvleesklier geconstateerd. De laatste maanden is ze in en uit het ziekenhuis geweest. Maar nu zeggen de artsen dat ze niets meer voor haar kunnen doen. Ze kiest ervoor – in overleg met haar familie – om de laatste weken thuis te zijn. Het zijn zware weken geworden, vanwege de intensieve zorg, maar ook omdat afscheid nemen nu eenmaal moeilijk is. Toch zijn het ook heel goede weken geworden, omdat de onderlinge nabijheid en het toegroeien naar elkaar veel intenser worden beleefd. Met het naderende afscheid voor ogen is het een goede beslissing geweest om deze vrouw thuis te laten sterven.

Foto: Pexels.com
Het nemen van een juiste beslissing is in alle omstandigheden en belangrijk gebeuren. Maar met het einde voor ogen is het van nog groter belang om een goede keuze te maken. Vandaag gaat het in de schriftlezingen over het maken van de juiste keuze, en die keuze moet gemaakt worden met – zo horen we – het einde in zicht.

Niet uitstellen

Bij de profeet Maleachi wordt gesproken overeen dag, waarop een einde komt aan de heerschappij van de hoogmoedige en onrechtvaardige mensen. Het is een dag, waarop een oordeel wordt geveld. Maar wie de gerechtigheid nastreeft, heeft niets te vrezen. Je kunt je afvragen, of de profeet een specifieke dag voor ogen had, waarop dit alles moest gebeuren. Misschien gaat het hem veel meer erom, de mensen uit te dagen tot het maken van een keuze. En die keuze moet je nu maken, niet uitstellen tot het te laat is. Een goede keuze immers, zo leert ons de ervaring, wordt altijd gemaakt op het juiste moment. Kiezen voor gerechtigheid, strijden tegen onrecht: dat doe je altijd in de concrete omstandigheden die zich aan je voordoen.

10 november 2019

De meeste mensen deugen

Boekrecensie van
Rutger Bregman, De meeste mensen deugen.
Een nieuwe geschiedenis van de mens 

Anderhalve dag had ik nodig voor een kloeke pil van 521 pagina's. Geen bloedstollende thriller. Geen meeslepende roman. Maar een gedegen historisch werk met een uitgebreid notenapparaat, dat 42 bladzijden omvat. Toegegeven: het boek is heel toegankelijk geschreven. Vlotjes, mag je wel zeggen – al gaat zijn pen een enkele keer ook met de schrijver aan de haal. De meeste mensen deugen (1) is een goed onderbouwde uiteenzetting van Rutger Bregman, waarin hij de focus op al het slechte nieuws dat ons dagelijks bereikt ferm onderuit haalt.

Alleen al daarom lust ik zo'n flinke uitgave wel.

Met veel voorbeelden uit de geschiedenis, uit de sociale psychologie en uit de nodige experimenten (opgezet in psychologische laboratoriumsituaties) laat de schrijver zien dat mensen meer erop uit zijn om elkaar te helpen dan om elkaar in de haren te vliegen – volledig in tegenstelling met de beeldvorming in de media, die ons iets heel anders wil doen geloven. In het eerste hoofdstuk noteert Bregman: 'Ik zal een grote hoeveelheid wetenschappelijk bewijs aandragen waaruit blijkt dat een positiever mensbeeld realistisch is. Tegelijk denk ik dat het nóg realistischer kan worden als we erin gaan geloven.' (p. 31)

Hoe komt het dan, dat we denken dat het bergafwaarts gaat met onze samenleving en met onze beschaving, terwijl de feiten (als je ze maar onder ogen wilt zien) het tegendeel aangeven? Dat komt 'omdat het nieuws over uitzonderingen gaat.' (p. 34) Voorbeeld: 'Een paar jaar geleden onderzocht een team van Nederlandse sociologen hoe media verslag doen van vliegtuigcrashes. Tussen 1991 en 2015 nam het aantal ongelukken gestaag af, maar de aandacht voor ongelukken nam juist toe. Het gevolg: mensen werden steeds banger om in steeds veiligere vliegtuigen te stappen.' (p. 35)

03 november 2019

Liefde: aan de dood voorbij

Overweging met Allerzielen

Lezingen: Jesaja 25,6a.7-9; Lucas 23,44-47.50.52-54; 24,1-6a

Op heel verschillende manieren kunnen mensen reageren op het overlijden van hun geliefden. Een man die drieënveertig jaar getrouwd was, heeft de laatste vijftien jaar zijn vrouw heel intensief
verzorgd. Nu valt hij in een plotselinge leegte. Hij zegt: 'Het heeft geen zin meer. Als ik niet meer voor haar kan zorgen, waarvoor leef ik dan nog?' Een heel andere reactie komt van een moeder. Haar zoon, nog geen twintig jaar, verliest zijn leven bij een tragisch ongeval. Hij had een goed hart, maar hij was geen gemakkelijke jongen. Het verliest veroorzaakt evengoed een smartelijke pijn. 'Maar,' zo zegt de moeder, 'misschien heeft Onze Lieve Heer hem wel tegen zichzelf in bescherming genomen. Hij kon zo dwars zijn, dat hij op den duur ook vijanden had gekregen. Daar zou hij diep ongelukkig van zijn geweest. Misschien is het wel beter zo.'

De dood van onze lieve medemensen roept vragen op, waar we meestal geen antwoord op krijgen. En met name de vraag waarom een dierbare van ons weggenomen moest worden, blijft onbeantwoord. 'Mijn vader,' hoor ik wel eens zeggen als ik op rouwbezoek ben, 'had het idee, dat zijn taak nog lang niet klaar was. Of ook: 'Mijn vrouw had zich zo verheugd op een fijne tijd met ons tweeën, maar ze mag het niet meer beleven.' En zelfs wanneer een geliefd mens na een moeilijk sterfbed eindelijk van zijn pijnen is verlost, wanneer dus de naaste familie daar vrede mee kan hebben, dan nog blijft er een schrijnende leegte achter, die niet meer is op te vullen.

20 oktober 2019

Aanpakken en bidden

Overweging bij de 29e zondag door het jaar (jaar C, Wereldmissiedag)

Lezingen: Exodus 17,8-13; Lucas 18,1-8

'Bidden? Welnee, joh. Dat is iets voor softies, hoor. Ik trek zelf mijn plan wel. Ik zorg, dat ik er kom op eigen kracht.' Dit zou zomaar een antwoord kunnen zijn van een willekeurige Nederlander, als je hem of haar in de winkelstraat zou interviewen met de vraag: bidt u wel eens? Bidden lijkt voor veel mensen een bezigheid, die niet meer past bij het levensgevoel van 2019.

Afbeelding: flickr.com
Maar misschien moeten we  niet te snel oordelen. Want bidden is er in vele variaties. We kennen de traditionele gebeden als het Onze Vader en het Weesgegroet. We kennen ook de schietgebedjes tot de heilige Antonius, als we wanhopig naar op zoek zijn iets. We kennen de psalmgebeden, de voorbeden in de kerkviering, of het stille en het meditatieve gebed. Wat al deze vormen van gebed gemeenschappelijk hebben, is dat er altijd een vorm van verlangen in wordt uitgesproken. Verlangen om iets terug te vinden, verlangen naar genezing, naar verbetering van een getroebleerde relatie, naar vrede en verzoening in de wereld waarin wij leven.