Overweging bij de 6e zondag door het jaar (B)
Lezingen: Leviticus 13,1-2.45-46; 1 Korinthe 10,31-11,1; Marcus 1,40-45
Nu het niet meer kan, of toch zeker minder kan, is de behoefte aan onderling contact groter dan gewoonlijk. De verbondenheid tussen mensen, waar we allemaal naar uitzien, wordt zichtbaar wanneer we elkaar spreken, elkaar kunnen omhelzen, elkaar ontmoeten door samen te eten. Precies nu we daarin beperkt worden door de noodzakelijke maatregelen vanwege het coronavirus merken we hoe het gebrek aan contact met familie, vrienden, collega's en klasgenoten ons aan het opbreken is. Samen zijn hoort bij het menselijk leven. En wanneer dat ontbreekt, voelen we we een gemis, voelen we ons niet compleet.
| Regenboogkerk Gent 2013 |