Overweging op de 7e zondag van Pasen (jaar C)
Lezingen: Handelingen 7, 55-60; Johannes 17, 20-26
Je hoort wel eens verhalen van mensen, die onder ogen moeten zien dat hun einde nabij is. Als ze nog helder van geest zijn, dan kunnen ze hun wensen kenbaar maken over de wijze waarop de uitvaart geregeld moet worden. Voor wie achterblijft kan dat een goede houvast zijn bij het treffen van de nodige regelingen. En zelfs niet alleen een houvast, maar ook een zekere troost omdat je dan weet, dat je – bij alle verdriet om het afscheid – de wensen van de dierbare kunt respecteren. 'Dit is het laatste wat we voor hem/haar kunnen doen,' zeggen de nabestaanden vaak.