Posts tonen met het label 29e zondag. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 29e zondag. Alle posts tonen

18 oktober 2020

Niet van onszelf

 Overweging bij de 29e zondag door het jaar (A) - Wereldmissiedag

Lezingen: Jesaja 45, 1.4-6; Matteüs 22,15-21

De persconferentie van afgelopen dinsdag met Mark Rutte en Hugo de Jonge in de hoofdrol hakte er behoorlijk in. Stevige en ook pijnlijke maatregelen zijn nodig om de gevaren van Covid-19 in te dammen. Het is vervelend, dat bijvoorbeeld de amateursport aan banden wordt gelegd. Maar daar is nog wel mee te leven, want je inkomen is er niet van afhankelijk. Lastiger is het voor bijvoorbeeld de café-eigenaar, die de grond onder zijn bestaan ziet wegvallen. Maar ook de bijdragen aan de Voedselbanken wordt bedreigd, doordat er door de strijd van supermarkten tegen voedselverspilling, steeds minder voor ze overblijft. Terwijl veel mensen de ondersteuning van de Voedselbanken nu juist harder dan anders nodig hebben.

Foto: Pixabay.com
Foto: Pixabay.com
De hele coronacrisis stelt ons voor de vraag, hoe wij elkaar nabij kunnen zijn in de onderlinge steun waaraan de behoefte steeds groter lijkt te worden. Dan heb ik het niet alleen over de steun die wij proberen te geven in de vorm van aandacht. Er worden veel extra telefoongesprekken of beeldbelverbindingen gerealiseerd. Er worden kaartjes gestuurd of eens een extra appje om te informeren hoe de ander het maakt. Er worden creatieve oplossingen bedacht om toch maar het onderlinge contact in stand te houden, hoezeer het ook behelpen is.

20 oktober 2019

Aanpakken en bidden

Overweging bij de 29e zondag door het jaar (jaar C, Wereldmissiedag)

Lezingen: Exodus 17,8-13; Lucas 18,1-8

'Bidden? Welnee, joh. Dat is iets voor softies, hoor. Ik trek zelf mijn plan wel. Ik zorg, dat ik er kom op eigen kracht.' Dit zou zomaar een antwoord kunnen zijn van een willekeurige Nederlander, als je hem of haar in de winkelstraat zou interviewen met de vraag: bidt u wel eens? Bidden lijkt voor veel mensen een bezigheid, die niet meer past bij het levensgevoel van 2019.

Afbeelding: flickr.com
Maar misschien moeten we  niet te snel oordelen. Want bidden is er in vele variaties. We kennen de traditionele gebeden als het Onze Vader en het Weesgegroet. We kennen ook de schietgebedjes tot de heilige Antonius, als we wanhopig naar op zoek zijn iets. We kennen de psalmgebeden, de voorbeden in de kerkviering, of het stille en het meditatieve gebed. Wat al deze vormen van gebed gemeenschappelijk hebben, is dat er altijd een vorm van verlangen in wordt uitgesproken. Verlangen om iets terug te vinden, verlangen naar genezing, naar verbetering van een getroebleerde relatie, naar vrede en verzoening in de wereld waarin wij leven.

21 oktober 2018

Een prachtige paradox

Overweging op de 29e zondag door het jaar (jaar B)

Lezingen: Jesaja 53,10-11; Marcus 10,35-45

Het kan heel gezond zijn om in je leven te koersen op je ambities, bijvoorbeeld om een bepaalde opleiding te voltooien of om je bedrijf goed in de markt te zetten. Door te streven naar een bepaald doel in je leven houd je jezelf scherp en alert. Daardoor ben je beter in staat om de hoofd- en de bijzaken te onderscheiden. En het kan een grote voldoening geven, wanneer je constateert dat je ambitie je heeft gebracht, waar je wilde zijn.
Afbeelding van GoodFreePhotos.com

Ware grootheid

Toch kan het woord ambitie ook een negatieve bijklank hebben. Dat is het geval, wanneer ambitie gaat samenvallen met eerzucht. Je streeft dan een bepaald doel na omwille van het aanzien dat het je oplevert. Niet het goede resultaat van je streven staat dan voorop, maar het stijgen in de achting van anderen. Aanzien, status, prestige, invloed, glans en grootheid zijn doelen waarnaar mensen kunnen streven, maar je kunt je afvragen of daarin nou de ware grootheid is te vinden.

Zeker niet, als we de schriftlezingen van vandaag serieus nemen. In de passage uit de profeet Jesaja wordt gesproken over een dienaar van God, die bereid is om vernedering en lijden op zich te nemen. En nog wel, zo horen we, op een besluit van God zelf. Wat is dat dan voor een wrede God, dat hij zoiets toestaat? Dat hij zelfs een positieve beslissing neemt in deze zaak? Om dit besluit van God te kunnen plaatsen, moet je het goed verstaan. Het is volgens mij geen actief, maar een passief besluit. Als zijn dienaar wordt vernederd, besluit God om niet in te grijpen. Daardoor wordt zijn bedoeling duidelijker dan wanneer hij wel zou ingrijpen.

22 oktober 2017

Belasting of barmhartigheid?

Overweging bij de 29e zondag door het jaar (jaar A)

Lezingen: 1 Tessalonisenzen 1,1-5b; Matteüs 22,15-21

Veel zaken in ons leven regelen we naar eigen goeddunken. Het inrichten van ons huis, de keuze van school, werk en partner zijn dan nog betrekkelijk eenvoudige opties. Soms gaat het om een zeer essentiële keuze, bijvoorbeeld rond abortus of euthanasie. We beschouwen onszelf als de meest geëigende persoon om in allerlei kwesties onze eigen voorkeuren uit te spreken. Je moet je eigen leven leiden en daarbij ook je eigen koers bepalen. In onze tijd is het vrij normaal, dat we over ons eigen leven beschikken. Het leven is toch van ons, nietwaar?

Baas of eigenaar?

Toch is het nog maar de vraag, in hoeverre we baas zijn over ons eigen leven. Baas zijn over je leven is nog iets anders dan eigenaar zijn van je leven. Je bent immers je eigen leven niet zelf begonnen. Je hebt het gekregen. En dan moet je er vervolgens wel zelf iets van gaan maken. Maar ook dat doe je nooit geheel op je eigen houtje. Daar heb je – linksom of rechtsom – anderen bij nodig. In zijn geheel genomen kunnen wij, mensen, dus niet volledig en autonoom beschikken over ons eigen leven. Je kunt je daarom afvragen: behoort het leven ons toe? Of is het juist omgekeerd: behoren wij toe aan het leven? Aan een groter geheel? Aan God misschien? Heel scherp gesteld is de vraag: aan wie ben je toegewijd?