Posts tonen met het label radicaal. Alle posts tonen
Posts tonen met het label radicaal. Alle posts tonen

26 juli 2020

Luisteren met je hart

Overweging bij de 17e zondag door het jaar (jaar A)

Lezingen: 1 Koningen 3,5.7-12; Matteüs 13,44-52

Het gebeurt wel eens, dat een ander veel beter dan jijzelf in de gaten heeft wat voor jou goed is in die fase van je leven. Rond de afgelopen jaarwisseling kreeg ik van verschillende mensen signalen, dat ik meer afstand moest nemen van mijn werk. Maar ik wilde het in eerste instantie niet horen. Tot ik – vanwege die signalen – tenslotte het inzicht toeliet, dat het zo niet langer kon. Ik heb mij ziek gemeld en de tijd genomen om na te denken over hoe ik mijn werk op een andere manier, met meer voldoening, zou kunnen aanpakken.

Foto: PxHere.com
Zonder de signalen van mensen uit mijn omgeving was ik waarschijnlijk nog langer – te lang – doorgegaan met de oude manier van werken. Ik ben dankbaar, dat mensen mij gewezen hebben op de gevaren van die oude manier. Want deze mensen waren (en zijn) mensen die geluisterd hebben met hun hart.

Luisteren met het hart, dat is ook wat Salomo wilde leren. Hij vraagt God geen lang leven of macht over zijn vijanden. Hij vraagt om recht te kunnen spreken over de mensen die hem zijn toevertrouwd. Hij vraagt om wijsheid, zodat hij onderscheid kan maken tussen goed en kwaad, onderscheid tussen wat het leven van mensen mogelijk maakt en wat dat leven beknot. Luisteren met het hart, dat is een manier van luisteren en zien die verder gaat dan wat zich voordoet in de platte realiteit. Het is luisteren vanuit een liefdevol zien wat de ander nodig heeft, werkelijk nodig heeft.

Confronterend

Dat is trouwens niet altijd een dankbare taak. De signalen die ik rond de jaarwisseling kreeg heb ik een tijdlang naast mij neergelegd. Daar stonden ze dan met hun goede gedrag, de mensen die het beste met mij voor hadden. Wie luistert met zijn hart, kan op de ander best wel eens confronterend overkomen. Maar omdat zulke adviezen gegeven worden met de beste bedoelingen, moet je ervan uitgaan dat ze komen uit een goed hart. En waar die adviezen ruimte krijgen, waar ze worden opgevolgd, daar ontstaan nieuwe kansen. Daar krijgt de realiteit een andere, onverwachte invulling. Al is het wel zo, dat daarvoor soms een crisissituatie nodig is. Een situatie waarin noodzakelijke beslissingen genomen moeten worden. De vijf maanden waarin ik mij heb teruggetrokken van mijn werk waren voor mij een periode waarin ik heb leren zien, wat in mijn situatie werkelijk van waarde is.

Zien wat er werkelijk toe doet, dat kan vragen om radicale beslissingen. Dat hebben we beluisterd in de parabels uit het evangelie. Alles, werkelijk alles wat je hebt te gelde maken om een waardevolle schat in handen te krijgen: dat is een radicale beslissing. Alles op alles zetten om het rijk der hemelen het jouwe te noemen.

Hier en nu

Maar pas op: dat rijk der hemelen is er niet pas straks, na dit leven. Het kan hier en nu al vorm krijgen: als mensen bereid zijn om te zoeken naar een liefdevolle manier van samenleven. Als mensen bereid zijn om elkaar met barmhartigheid te bejegenen. Als mensen bereid zijn zich in te zetten voor een samenleving waarin het recht van de zwakste zegeviert. Jezus nodigt ons uit om voor die droom alles opzij te zetten wat er niet toe doet. En dat vraagt om een keuze die je dagelijks opnieuw moet maken. In die zin is het een radicale keuze, een keuze die geworteld is in je overtuiging dat het de moeite waard is om te luisteren met je hart. De moeite waard om te zoeken en te zien naar wat werkelijk van waarde is.

Zien wat werkelijk van waarde is, kunnen we dat ook leren uit de crisis die de corona-pandemie heeft veroorzaakt? Als we alleen maar terug willen naar het oude, dan hebben we er niets van geleerd. Misschien is het waardevolle van deze crisis wel, dat we bereid bleken om meer oog te hebben voor de mensen om ons heen. Op 17 maart kopte de PZC: 'Crisis haalt het beste in mensen naar boven.' Als voorbeeld werd genoemd: restaurant deelt gratis soep uit aan minima, ouderen en zorgpersoneel. Zo zijn er tijdens deze moeilijke periode veel meer mooie initiatieven te noemen, waarvan je hoopt dat die ook in de komende tijd blijvend zullen zijn. Maar dat vraagt dus om dagelijkse keuzes, die laten zien wat er werkelijk toe doet. Als we vasthoudend zijn in het maken van deze keuzes, als we ons er radicaal aan verbinden, als we steeds beter leren om te luisteren met het hart, dan zul je zien dat het rijk der hemelen ook nu al een hemel op aarde kan zijn.

26 januari 2020

Hoge idealen?

Overweging op de 3e zondag door het jaar (jaar A)

Lezingen: Jesaja 8,23b-9,3; Matteüs 4,12-23

Afgelopen zondag was in de grote zaal van CineCity in Vlissingen een filmvertoning van het feest ter gelegenheid van de zeventigste verjaardag van André Rieu. Oké, niet iedereen zal van zijn muziek houden, maar je moet de maestro nageven, dat hij met zijn melodieën het hart van velen weet te raken. Hij vertelt dat hij op die manier ook de keuze maakt voor de muziek die hij met zijn orkest ten gehore brengt. 'Ik kies muziek die mijn hart raakt. Dan weet ik, dat ook de harten van mensen worden geraakt.'

Foto: Piqsels.com
Dat het hart van mensen geraakt wordt, zien we ook gebeuren in het evangelieverhaal van deze dag. De boodschap waarmee Jezus de mensen aanspreekt is compact en direct. De boodschap komt binnen als een mokerslag: 'Bekeer je, want het rijk der hemelen is nabij.' De oproep tot bekering houdt in dat je een andere koers gaat varen in je leven. Dat klinkt behoorlijk radicaal. Je levenskoers wijzigen, daar gaat meestal een intensief proces aan vooraf. Je voelt misschien dat het anders kan, of beter moet. Je denkt na en je praat met anderen over bijvoorbeeld de vraag of je moet emigreren, of dat je je leven wilt doorbrengen in een klooster. Maar zo'n koerswijziging doe je niet zomaar even. Hoe dan ook: iets nieuws beginnen gebeurt altijd omdat je uiteindelijk je hart volgt. Je laat je hart, je intuïtie spreken.

Radicaal

Toch blijft het een radicale verandering. Die grondige wijziging spreekt in het evangelie uit de manier waarop de vissers Jezus achterna gaan. Terstond lieten zij hun netten in de steek; onmiddellijk lieten zij de boot en hun vader achter – zo staat er. Er is dus een breuk met het verleden. Johannes en Zebedeüs, Petrus en Andreas laten hun identiteit los, een identiteit die zij tot dan toe ontleenden aan hun werk en aan hun familiebanden. Zij zoeken nu een nieuwe identiteit: door Jezus te volgen. Hoe zou het toch komen, dat mensen zulke radicale verandering ondergaan? En willen ondergaan?

Zoiets kan vermoedelijk alleen maar als je je hart volgt. Op een of andere manier moet je geraakt worden door wat iemand zegt of doet, waardoor je voelt: dat wil ik ook. Waarschijnlijk zijn de eerste vier volgelingen van Jezus geraakt door zijn uitdaging: 'Ik zal jullie vissers van mensen maken.' Of misschien ook wel door die radicale oproep: 'Bekeer je, want het rijk der hemelen is nabij.'  Ze gaan om zo te zeggen hand in hand: de radicale oproep van Jezus en de radicale koersverandering in het leven van zijn volgelingen. Je kunt Jezus niet maar een beetje navolgen. Als je het wil, dan met hart en ziel.

Anno 2020

En dan kan het waar worden. Dan gebeurt het: er zullen dingen veranderen. Iets nieuws gaat beginnen. Een nieuwe tijd breekt aan. Zoals we gehoord hebben in de woorden van Jesaja: 'Het volk dat ronddwaalt in het donker, ziet dan een helder licht.' De boodschap van Kerstmis echoot nog na in deze woorden. Duisternis zal omgezet worden in licht, vernedering en smaad in juichen en vreugde. Een nieuwe tijd breekt aan.

De oproep tot bekering geldt ook ons, christenen anno 2020. Oké, de meesten van ons komen wellicht steeds meer op een leeftijd, waarop je denkt: 'Die verandering hoeft voor mij niet meer zo. Ik heb mijn weg wel gevonden in het leven.' Wat betekent het dan als we Jezus horen zeggen: 'Bekeer je, want het rijk der hemelen is nabij'? De oproep tot bekering staat niet op zichzelf, maar is gefundeerd op het tweede deel van de oproep: want het rijk der hemelen is nabij. Het rijk der hemelen is dus het beoogde doel van de bekering. Maar wat is dan dat rijk der hemelen? Het lijkt iets dat ver weg is, iets dat behoorlijk op afstand van ons staat. De hemel, dat lijkt ons nogal onbereikbaar. Maar Jezus zegt nu juist, dat het nabij is. Binnen handbereik, om zo te zeggen.

Hoge idealen?

Zou het rijk der hemelen een toestand kunnen zijn, waarin mensen kunnen leven in harmonie en onderlinge verbondenheid? Een toestand waarin mensen elkaar tot hun recht laten komen? Een situatie waarin mensen het opnemen voor elkaar, waarin zorg en solidariteit werkelijkheid worden? Zou het een toestand kunnen zijn, waarin mensen met elkaar verzoend raken, waarin ze trouw zijn tot over de grens van het gewone heen? Zou het rijk der hemelen een mogelijkheid kunnen zijn, waarbij mensen hun grieven opzij zetten en waarbij de zoektocht naar het geluk van de ander de weg is naar ons eigen geluk?

Hoge idealen, denkt u? Nou, je kunt het zien gebeuren in kleine, alledaagse dingen. Een oprecht luisterend oor kan een signaal zijn van het rijk der hemelen. Een warm woord en een welgemeend gebaar kunnen zo'n signaal zijn. Trouwe zorg van ouders voor hun kinderen en van kinderen voor hun ouders kan zo'n signaal zijn. De inzet van vele, vele vrijwilligers in ons land kunnen zo'n signaal zijn. Meewerken aan de acties van Amnesty International, bijdragen aan de zorg voor ons leefmilieu, inzet voor een eerlijke prijs voor producten uit de Derde Wereld: het kunnen signalen zijn van het rijk der hemelen dat nabij is, binnen handbereik. Ja natuurlijk: het is er nog niet, maar je kunt eraan werken. Als je daar je aandacht op richt. Als je je er naar toe keert, als je je bekeert. Dan gaat het gebeuren. Dan zie jet iets nieuws ontstaan. Als je je hart laat raken door de woorden van Jezus. Als je met hem op weg wilt gaan. Dan komt hij er: de nieuwe tijd.

24 februari 2019

Liefhebben, onbegrensd

Overweging bij de 7e zondag door het jaar (jaar C)

Lezingen: 1 Samuël 26,2.7-9.12-13.22-23; Lucas 6,27-38

Als ik de afgesproken uren heb gewerkt voor mijn baas, dan mag ik verwachten dat ik daarvoor het afgesproken salaris krijg. Als ik aan de kassa betaal voor mijn boodschappen, dan mag ik ervan uitgaan dat ik de toegezegde kwaliteit van de producten geleverd krijg. Zo hebben we in onze samenleving het economische ruilverkeer met elkaar afgesproken. In de meeste gevallen is dat een prima systeem. Maar we beseffen ook, dat er mensen zijn die in dat systeem niet mee kunnen komen. Mensen met een beperking, lichamelijk of geestelijk; mensen die op het sociale vlak minder vaardig zijn; mensen die door de ouderdom afhankelijk zijn van de zorg van anderen; mensen die hun land moeten ontvluchten omdat ze daar niet veilig kunnen leven: zij kunnen vaak geen gelijkwaardige ruil maken omdat ze minder hebben in te brengen. En de vraag is dan: hoe gaan wij in onze samenleving om met mensen die afhankelijk zijn van anderen? Hoe gaan wij überhaupt om met elkaar? Geven wij omdat we er iets voor terug verwachten? Zijn we vriendelijk omdat we vriendelijkheid terug verwachten?

Radicaal

Jezus wijst ons op een radicaal andere mogelijkheid. Inderdaad: radicaal. Want we vragen meteen: is dat ook op te brengen? Als iemand agressief is tegen jou, dan is je eerste reactie toch: terugslaan? Of als iemand er met je fiets vandoor gaat, dan laat je dat toch niet zomaar gebeuren? Met zijn radicale perspectief nodigt Jezus ons wel uit om tot bezinning te komen. Dat wil zeggen: denk na over wat je doet. Neem de tijd om verschillende mogelijkheden af te wegen.

14 oktober 2018

Loslaten om te winnen

Overweging bij de 28e zondag door het jaar (jaar B)

Lezingen: Wijsheid 7,7-11; Marcus 10,17-30

Wat zou er gebeurd zijn "als die rijke man nu eens 'ja' had gezegd op de uitnodiging van Jezus om alles te verkopen en aan de armen te geven: wat zou hij dan hebben ontdekt, wat zou er dan met hem zijn gebeurd? Het plezierige is, dat we inderdaad een antwoord op die vraag hebben, maar dan van een andere man, die inderdaad op die uitnodiging is ingegaan. En dat is Fran­cis­cus van Assisi. Hij "heeft ontdekt: de onvoorstelbare rijkdom van de vrijwillige armoede.

Foto van Mr.TinDC, gevonden op Flickr.com,
(licentievoorwaarden CC BY-ND 2.0)
In bruikleen

We moeten goed begrijpen, dat armoede niet alleen op materiële dingen betrekking heeft. Het is meer een levenshouding, waarin je niets beschouwt als je eigen bezit, maar alles als een geschenk ziet dat ons in bruikleen is gegeven. Dus niet alleen geld, maar ook onze gezondheid, onze talenten, onze functie, het water, de lucht, de dieren, de planten. Niets mag van jou (alleen) zijn. Alles wat er is, wat je hebt, heb je in bruikleen. Pas wie dit helemaal beseft, wordt als Franciscus een blije en dankbare mens. En dat is wat hij ontdekt heeft." (Paul Chapel, Geschreven voor u, overwegingen bij de schriftlezingen van de zondagen in jaarcyclus B, Hilversum (Gooi & Sticht) 1990, 142v)

12 februari 2017

Mensen uit één stuk

Overweging bij de 6e zondag door het jaar (jaar A)

Lezingen: Sirach 15,15-20; Matteüs 5,20-22a.27v.33-34a.37

Als je achter je huis een nieuw schuurtje wil bouwen, dan ga je niet maar in het wilde weg aan de gang. Je gaat eerst meten, je moet je afvragen hoeveel opslagruimte je nodig hebt, welk materiaal het beste gebruikt kan worden en wat de kosten zullen zijn. Kortom: eerst een goed plan maken en dan pas aan de slag. Ieder project, dat een mens aanpakt, begint met een uitgewerkt plan.

Richtingwijzer

Zo'n plan van aanpak wordt vandaag in het Matteüsevangelie uiteengezet door Jezus. In de bekende toespraak op de berg maakt hij zijn voornemens bekend. Of misschien is het juister om te zeggen, dat in de Bergrede de grondwet van het nieuwe Godsvolk wordt bekend gemaakt. Deze grondwet komt niet in plaats van, maar als voltooiing van de wet van Mozes. Jezus wil geen jota aan de wet van Mozes veranderen. Hij wil er wel op een andere, frisse manier mee omgaan. Het gaat hem om het vasthouden aan de oude geboden, maar dan met een vernieuwd elan. Niet de letter van de wet, maar de geest ervan is belangrijk.

22 januari 2017

Een nieuwe tijd

Overweging op de 3e zondag door het jaar (jaar A)

Lezingen: Jesaja 8,23b-9,3; Matteüs 4,12-23

Nog een kleine twee maanden en dan mogen weer naar het stemhokje. Intussen doen politici hun best om ons ervan te overtuigen, dat – ieder op eigen manier – hij of zij de beste kandidaat is om ons te vertegenwoordigen. Als kiezer is het niet eenvoudig om een keuze te maken uit de vele kandidaten. Maar een ding is zeker: degene die ons hart weet te raken, zal vermoedelijk wel onze stem krijgen. Die kandidaat geef je je vertrouwen. Want met die kandidaat zou misschien iets nieuws kunnen beginnen. Een nieuwe tijd.

Dat het hart van mensen geraakt wordt, zien we ook gebeuren in het evangelieverhaal van deze dag. De boodschap waarmee Jezus mensen wil aanspreken is compact en direct. De boodschap komt binnen als een mokerslag: 'Bekeer je, want het rijk der hemelen is nabij.' De oproep tot bekering houdt in dat je een andere koers gaat varen in je leven. Dat klinkt behoorlijk radicaal. Je levenskoers wijzigen, daar gaat meestal een intensief proces aan vooraf. Je voelt misschien dat het anders kan, of beter moet. Je denkt na en je praat met anderen over bijvoorbeeld de vraag of je moet emigreren, of dat je je leven wilt doorbrengen in een klooster. Maar zo'n koerswijziging doe je niet zomaar even. Hoe dan ook: iets nieuws beginnen gebeurt altijd omdat je uiteindelijk je hart volgt. Je laat je hart, je intuïtie spreken.

04 december 2016

Verander je denkraam

Overweging op de 2e zondag van de Advent (jaar A)

Lezingen: Jesaja 11,1-10; Matteüs 3,1-12

Door het koude winterweer van de afgelopen dagen moest extra inzet geleverd worden bij de gladheidsbestrijding. ‘s Morgens moest je eerst je autoruiten krabben en sneeuwvrij maken. Nogal wat ongemak dus, maar eigenlijk valt er wel mee te leven. Veel meer problemen levert het koude winterweer op voor mensen zonder vaste woon- of verblijfplaats. Verschillende gemeenten in Nederland hebben de winteropvangregeling voor daklozen, eerder dan gepland, in werking gesteld. Want het mag toch niet waar zijn, dat mensen in de kou blijven staan. Daar zijn we het in ons beschaafde Nederland toch wel over eens, denk ik.

Mensen laat je niet in de kou staan, ook niet in figuurlijke zin. Toch moeten we onszelf steeds weer ervan doordringen, dat dit niet vanzelfsprekend is. Zeker in deze Adventsperiode, nu wij ons proberen klaar te maken voor het geboortefeest van onze Heer, zullen we daar nog wat extra aandacht aan moeten geven. De woorden van Jesaja en van Johannes de Doper kunnen ons daarbij de weg wijzen.

27 september 2015

Open minded

Overweging op de 26e zondag door het jaar (jaar B)

Lezingen: Numeri 11,25-29; Marcus 9,38-43.45.47v

Als ik zeg, dat mensen het lang niet altijd met elkaar eens zijn, dan lijkt dat verdacht veel op het intrappen van een open deur. Maar goed, nu ik het eenmaal heb gezegd, hoef ik deze uitspraak ook niet te onderbouwen met een rijtje voorbeelden. De kunst is – in dergelijke situaties van meningsverschil – om het gesprek niet af te kappen. Waar dat wel gebeurt, waar mensen elkaar buiten sluiten omwille van een andere opvatting, daar worden grenzen getrokken die de onderlinge verstandhouding in de weg zitten.

Wel of niet?

In de Schriftlezingen horen we ook over mensen, die van ongepaste duidelijkheid houden: jij hoort bij ons, en jij niet. Uit het boek Numeri hebben we het verhaal beluisterd over een aantal assistenten van Mozes. Zeventig oudsten worden toegerust met inspiratie en enthousiasme, zodat ze kunnen spreken (profeteren heet dat) namens God en Mozes. Naast die zeventig zijn er nog twee anderen, Eldad en Medad, die hun enthousiaste spreken niet kunnen tegenhouden. Ook zij profeteren. Daar wordt bezwaar tegen gemaakt, omdat de twee niet op de vereiste wijze zouden zijn toegerust. Ja, zegt Jozua, dat kan natuurlijk niet. Ja, zegt Mozes, dat kan natuurlijk wel. Waarom zou je mensen, die het goede woord spreken, het zwijgen moeten opleggen? Ook al hebben ze niet de voorgeschreven procedure doorlopen: ze doen wat gedaan moet worden. Ze doen wat goed is. Daar moet je niet moeilijk over doen, daar moet je verheugd over zijn!