zondag 23 juli 2017

Overgave

Beschouwing

'Ik laat het maar op me af komen.' Het is een vaak gebruikte uitdrukking van iemand die ik goed ken. Voor de persoon in kwestie is het geen uiting van passieve berusting, maar eerder van het doorleefde besef dat er zaken in het leven zijn die niet te veranderen zijn. Het is, zou je kunnen zeggen, een langzaam gerijpt inzicht, dat overgave aan wat zich voordoet meer rust geeft aan de ziel dan een onmogelijk verzet.

Krachtig geloof

De gebezigde uitdrukking wordt door deze man nogal eens gebruikt als je voelt, dat hij de eenzaamheid ervaart van het weduwnaar zijn. Naarmate de tijd vordert lijkt het, alsof het alleen zijn – hoe goed zijn kinderen en kleinkinderen ook proberen hem nabij te zijn – zwaarder en zwaarder gaat wegen. Misschien ook wel omdat zijn fysieke krachten langzaamaan minder worden en zijn leefwereld geleidelijk kleiner. 'Ik laat het maar op me af komen.' Als je het mij vraagt is deze uitspraak in wezen een heel krachtige uiting van overgave en van geloof. Niet dat daarmee de pijn van het alleen zijn of het verdriet om het gemis van wie hem dierbaar was (is!) minder wordt. Integendeel. Maar hij geeft als het ware zijn onvermogen om de situatie te veranderen over aan … Ja, aan wie of wat? Dat zegt hij nou precies niet. En dat wil ik ook niet voor hem invullen. Maar ik ben geneigd om mij af te vragen: aan God? Aan moeder Maria?

Overgave lijkt in de tijd waarin wij leven een vergeten deugd te zijn geworden. Want er zijn veel kwesties die tegenwoordig vragen om een strakke planning, een nauwkeurig uitgestippeld beleid, een overzichtelijke en vooral verantwoorde weg om te komen van A naar B. En het mag duidelijk zijn, dat die planning en dat beleid vaak noodzakelijk zijn om dingen voor elkaar te krijgen. Zonder deze systematische aanpak zou het leven helemaal een zootje worden. Maar meer dan eens zijn we geneigd te denken, dat we op deze wijze het leven compleet onder controle kunnen krijgen. En toch moeten we telkens weer constateren, dat ziekte ons leven bedreigt (ondanks alle inspanningen die we verrichten inzake medische zorg en onderzoek), dat overspannen verwachtingen van de economische ontwikkelingen roet in het eten gooien, dat ruzies, oorlogen en machtshonger de onderlinge harmonie tussen mensen verstoren. Ja, het leven is een zootje. Zelfs het verlangen naar harmonie en rechtvaardigheid wordt geweld aangedaan omdat er altijd mensen zijn (en zullen zijn) die het recht van anderen met voeten treden.

Moed

Hoezo dan: overgave? 'Ik laat het maar op me af komen.' Dat is een andere opstelling dan 'Ik laat het maar over me heen komen.' Deze tweede uitdrukking lijkt neer te komen op doffe berusting, zonder enige mogelijkheid om eigen keuzes te maken. De eerste echter heeft meer te maken met een actieve vorm van verwachten: zien wat er gaat gebeuren en vervolgens daarin proberen de juiste keuze te maken.

Overgave nodigt uit om te leven volgens het aforisme – of, zo u wilt, het gebed – , dat wordt toegeschreven aan Franciscus van Assisi: 'Geef me de moed om te veranderen wat ik kan veranderen. Geef me de wijsheid om te accepteren wat ik niet kan veranderen. Geef me het inzicht om het verschil tussen beide te zien.'

Eerder gepubliceerd in Parochienieuws van juni-juli 2017 en in de Nieuwsbrief van de VPW-Breda van juni 2017

zondag 11 juni 2017

Tot het einde

Overweging op het feest van de Heilige Drie-eenheid (jaar A)

Lezingen: Exodus 34,4b-6.8-9; 2 Korinthe 13,11-13; Johannes 3,16-18

In de relatie tussen partners of tussen ouders en kinderen kan het gebeuren, dat mensen hevig teleurgesteld raken. Misschien doordat een van de partners ontrouw blijkt te zijn. Of doordat je kind iets gedaan heeft, waardoor je je serieus bedrogen voelt. Bijvoorbeeld wanneer je volwassen zoon of dochter uit jouw beurs geld steelt om te voldoen aan de drugsverslaving. Je vertrouwen in de ander wordt door gebeurtenissen als deze danig op de proef gesteld. En de vraag is, hoe je daarop reageert. Boosheid en verdriet, teleurstelling en onmacht strijden dan met gevoelens van vergoelijking en liefde, trouw en stille hoop. Maar vooral het geschonden vertrouwen kan de bodem onder je bestaan wegslaan. Er moet heel wat gebeuren om dit vertrouwen hersteld te krijgen.

Drie snaren, één melodie ... 
Nieuwe kans

In de lezingen gaat het om Gods vertrouwen in mensen, in ons. De eerste lezing vertelt ons een episode uit de geschiedenis van Israël. De situatie die eraan vooraf ging, is bekend. Terwijl Mozes op de berg Sinaï de goddelijke geboden ontvangt, zijn de Israëlieten bezig hun eigen god te maken: een gouden kalf als plaatsvervanger van Jahwe. Uit teleurstelling en woede smijt Mozes, wanneer hij van de berg is afgedaald, de twee stenen platen met de geboden stuk. Maar ten tweede male beklimt hij later de berg om opnieuw bij God te pleiten voor de Israëlieten. En dan maakt God zich bekend, zoals we vandaag hoorden: 'Jahwe is een barmhartige en medelijdende God, lankmoedig, groot in liefde en trouw.' Met andere woorden: hij is bereid de Israëlieten een nieuwe kans te geven. Hij wil trouw blijven aan de belofte die hij eerder gedaan had: het volk te redden uit het slavenland Egypte. Hij wil het te brengen naar een land van melk en honing. De trouw van God aan het volk dat hij heeft uitgekozen, is groter dan de misstappen van datzelfde volk. Misschien mag je het zo zeggen: door trouw te blijven aan zijn volk blijft God trouw aan zichzelf. Hoe onhandelbaar de Israëlieten ook zijn, God houdt vast aan zijn oorspronkelijke keuze voor dit volk.

zondag 4 juni 2017

Erop uit!

Overweging op het feest van Pinksteren (jaar A)

Lezingen: Handelingen 2,1-11; Johannes 20,19-23

Ieder mens heeft een zekere ruimte nodig. Ruimte om te ademen, ruimte om te leven. Als die ruimte er niet is, dus als je in het nauw zit, dan krijg je het – letterlijk of figuurlijk – benauwd. Als je te nauw moet leven, dan kan het zijn dat je wordt beheerst door angst. Of door een te sterke behoefte om je aan voorschriften en regels te houden. Soms ben je ook gedwongen tot benauwdheid, bijvoorbeeld als je longcapaciteit door ziekte beperkt is. Dan is het fijn, als er hulpmiddelen zijn die lucht kunnen geven.

Levenslucht en ruimte maken het mogelijk dat mensen tot bloei kunnen komen. Dat er iets moois kan ontstaan, nieuwe ideeën gaan bloeien. Dat er enthousiasme en nieuw elan groeit. Dat het vasthouden aan oude gewoonten of strakke regels plaats maakt voor bezieling en vurigheid.

zondag 28 mei 2017

Volg je droom

Filmrecensie van Million Dollar Baby (2004)

Regie: Clint Eastwoord

Een verhaal van verliezers. Weliswaar mooi in beeld gebracht en zorgvuldig gecomponeerd, maar toch: alleen maar verliezers. Dat is de indruk die op het eerste gezicht blijft hangen aan het einde van de film.

Sportschoolhouder Frankie Dunn (Clint Eastwood) heeft het contact met zijn dochter verloren; hij verliest ook zijn beste bokser aan een andere manager en tenslotte verliest hij Maggie, die hij tegen wil en dank tot de wereldtop van het vrouwenboksen heeft gebracht. Scrap (prachtige rol van Morgan Freeman, die ook de rol van verteller heeft), voormalig bokser en nu klusjesman in de sportschool, heeft tijdens zijn laatste gevecht, het 109e, zijn rechteroog verloren, en ook de illusie om zijn carrière te beëindigen met een gewonnen wedstrijd. Verliezer is ook Maggie (Hillary Schwank), die weliswaar triomfen viert in het vrouwenboksen, maar uiteindelijk haar mobiliteit en haar onafhankelijkheid verliest nadat ze door haar tegenstandster (buiten de reguliere rondetijd) tegen het canvas wordt geslagen. Ze valt ongelukkig en loopt een hoge dwarslaesie op.

zondag 21 mei 2017

Gedreven mensen

Overweging bij de 6e zondag van Pasen (jaar A)

(Lezingen: Handelingen 8,5-8.14-17; Johannes 14,15-21)

De eerste zelfstandige stapjes van een kind zijn een moment van vreugde en bevestiging. Vreugde is er, want het kind ontdekt dat het zich op een nieuwe manier kan voortbewegen. Vreugde is er ook omdat de steeds aanwezige angst om te vallen is overwonnen. Maar bevestiging is er ook, want de omgeving roept: 'Jáá, je kunt het!'

In de eerste lezing kunnen we een vergelijkbaar proces waarnemen. Hier gaat het om de eerste stappen van de christenen op hun tocht door de wereld. Filippus is naar Samaria gegaan, naar een stad die zo'n 70 km van Jeruzalem verwijderd is. Dat hij daar vrijwel meteen een groot succes heeft met zijn verkondiging, mag verwonderlijk heten. De Joden beschouwden de Samaritanen als 'bastaardvolk': het zijn geen echte kinderen van Israël. De spanning tussen Joden en Samaritanen is juist ook ingegeven doordat ze in alle opzichten zo dicht bij elkaar staan: geografisch, cultureel en zeker ook religieus. Misschien kunnen wij die spanning het best vergelijken met Nederlanders en Duitsers. Als iemand ons voor een Australiër aanziet, kunnen we daar alleen maar om lachen, maar als iemand een Nederlander een Duitser noemt, dan zijn we daar niet gelukkig mee.

zondag 14 mei 2017

Een weg om te leven

Overweging bij de 5e zondag van Pasen (jaar A)

Lezingen: Handelingen 6,1-7; Johannes 14,1-12

Er was een echtpaar, man en vrouw beiden arts, dat zich had laten uitschrijven uit de kerk. Ze voelden zich niet meer op hun plaats in dat enge wereldje. Tegen de tijd van de VUT gingen ze werken in een missieziekenhuis in Oeganda. Met ziekenhuis en al werden ze geadopteerd door een parochie in het oosten van het land. Daar brachten ze ieder jaar uitvoerig en enthousiast verslag uit van hun werkzaamheden. De samenwerking tussen het echtpaar en de parochie groeide en groeide, tot grote tevredenheid van beide. (1)

Verschillende wegen

Er zijn vele manieren waarop de religieuze werkelijkheid, het geloof van mensen tot uitdrukking kan komen. Je kunt tegenwoordig de geloofsbeleving van mensen niet zo gemakkelijk in hokjes plaatsen. Maar bij al die verschillende wegen blijft er altijd een weg, die ene koninklijke weg van barmhartigheid, die tenslotte leidt naar de waarheid en naar het leven. Dat is de weg van Jezus. Hij is zelf die weg.

zondag 7 mei 2017

Loslaten hoort bij vasthouden

Interview met Karin Sauter
in de serie Graven naar geloof

De spontaniteit, waarmee Karin Sauter de uitnodiging voor dit interview al beantwoordde, klinkt meteen door in het enthousiasme waarmee ze vertelt. Haar ogen sprankelen als ze ingaat op de vraag, wat haar werk als leerkracht op basisschool De Horizon (Rilland) zo boeiend maakt. 'Het is prachtig,' zegt Karin, 'om te werken met kinderen. Zij hebben nog een hele toekomst voor zich, ze zijn spontaan en nieuwsgierig, staan open voor wat zich aan hen voordoet. Je kunt van alles met kinderen bereiken als je hen de kans geeft om te ontdekken wat ze in hun mars hebben. Dat vind ik soms lastig, maar tegelijk ook heel waardevol en uitdagend. Kinderen zijn nog "vormbaar" en flexibel.'

Behoeden

De nieuwsgierigheid die Karin in kinderen zo kan waarderen is tegelijk ook kenmerkend voor haarzelf. Daar hoort ook een zekere eigenwijsheid bij. Dat kwam bijvoorbeeld tot uiting in de route die ze koos voor haar opleiding. 'Na het VWO in Oss vond ik de universiteit te weinig praktisch, te vaag. Het HBO voor maatschappelijk of sociaal werk kwam voor mij te dicht in de buurt van een geitenwollensokkenmentaliteit. Uiteindelijk werd het dan de Pabo - maar niet in Den Bosch waar alle klasgenoten voor kozen. Nee, het moest (eigenwijs!) Nijmegen worden. Met een uitdrukkelijk katholieke identiteit en een kleine overzichtelijke populatie. En ook belangrijk: er waren inspirerende catechesedocenten. Die bevestigden mij in een soort van ontvankelijk zijn voor wat er op je levensweg komt. Mijn nieuwsgierigheid voor het religieuze werd er gestimuleerd.'