zondag 29 maart 2015

Stand houden

Overweging op Palmzondag (jaar B)

Lezingen: Marcus 11,1-10; Marcus 15,1-39

China 1989. Met groot militair vertoon wordt de studentenopstand, die vreedzaam begint, hardhandig neergeslagen. Het beeld van de man die in zijn eentje de tanks tegenhoudt, gaat in razend tempo de wereld over. Heel kwetsbaar, maar tegelijk heel moedig laat deze man zien, dat hij ergens voorstaat. Hij is bereid om voor zijn ideaal – meer democratie en betere economische omstandigheden – het leven te laten. Fragiel en toch krachtig; door sommigen als naïef bestempeld, door anderen als een icoon beschouwd; helemaal alleen, maar tegelijk met velen achter zich – zo weerstaat deze man de brute moraal van wie het sterkste is.

Op het Plein van de Hemelse Vrede heeft deze man nooit een naam gekregen. Hij wordt wel aangeduid als de Tank Man. Bejubeld en bespot is hij, deze man van de Hemelse Vrede, omdat hij de autoriteiten tergde en hen wees op hun verantwoordelijkheid voor de verarmde bevolking.


Kwetsbaar en krachtig

Op vrijwel gelijke wijze is Jezus als een kwetsbare, en tegelijk krachtige persoonlijkheid bejubeld en bespot. Bejubeld bij zijn binnenkomst in Jeruzalem, ook al leek zijn intocht nog niet voor de helft op die van een echte koning, want zeg nou zelf … welke koning laat zich nu zien op de rug van een ezelsveulen? Maar ook bespot in het verhaal, dat we eveneens vandaag hebben gehoord, een verhaal van verraad en vernedering, van absolute eenzaamheid en roemloze dood. Maar net als de man van de Hemelse Vrede heeft ook Jezus laten zien, dat hij ergens voor staat. Hij is bereid de consequenties van zijn stellingname te aanvaarden. Zijn principiële keuze om mensen die werden buitengesloten op te nemen in de gemeenschap, is hem uiteindelijk duur komen te staan. Maar hij was niet bereid om van opvatting te veranderen omdat de gevestigde leiders van die tijd hem naar het leven stonden.

Zijn eigen kwetsbaarheid heeft Jezus niet ertoe gebracht zich te omringen met knokploegen en massieve spierbundels. Door trouw te blijven aan zijn diepste overtuiging, door trouw te blijven aan zijn goddelijke roeping, aan God zelf, is hij blijven gaan op de weg die hij moest gaan. Ook als dat niet werd begrepen door veel mensen toen en nu. En dat heeft alles te maken met de vraag, of mensen – wij dus – hem kunnen volgen op zijn weg. Want het is een weg die leidt langs afgronden, langs vernedering, langs absolute eenzaamheid, langs lijden en dood.

De pijn delen

Willen wij, kunnen wij die weg met Jezus gaan? In de komende week worden wij daartoe uitgedaagd. Ons wordt gevraagd of wij de eenzaamheid, de desillusie, de mislukking, de pijn, het onrecht durven delen met Jezus en met ieder mens die dit alles overkomt. Kunnen wij het uithouden, kunnen wij erbij blijven, als mensen zoveel ellende en verdriet, zoveel tegenslag en onbegrip te verwerken krijgen?

Delen in de vreugde gaat ons meestal gemakkelijk af. Delen in het verdriet is lastiger. Maar er is ook een andere kant. Want delen in de vreugde is vluchtig, is voorbijgaand. Als het feest voorbij is, dan voegen we ons weer snel naar de orde van de dag. Maar delen in het verdriet is duurzaam, is blijvend, want wie in het verdriet zijn vrienden leert kennen, zijn echte vrienden, die weet op wie hij bouwen kan. Trouw zijn aan je naaste, in en door de miserie heen, betekent blijvende trouw, duurzame trouw, misschien wel eeuwige trouw.

Vreugde die stand houdt

Die trouw, dat is de trouw van God, die Jezus door lijden en dood heen niet in de steek laat. Hij blijft zijn kind nabij, zelfs in de afgrond van dood en absolute duisternis. Die trouw van God wordt zichtbaar waar mensen elkaar trouw zijn, door teleurstelling en verdriet heen, door tegenslag en onrecht heen. En als er dan vreugde komt, dan is die vreugde ook blijvend, duurzaam, voor altijd. Het is de vreugde, de blijdschap die de test van de tegenslag heeft doorstaan, het is de vreugde die bestand is tegen een stootje, het is de vreugde die stand houdt zelfs over de grens van de dood heen, omdat die vreugde zich verheugt in de duurzame trouw van God aan mensen, de duurzame trouw van mensen onderling.