zondag 20 maart 2016

Het individualisme failliet?

Beschouwing

De individuele vrijheid van mensen beschouwen wij in onze samenleving als een groot goed. Deze vrijheid is in de Nederlandse grondwet vastgelegd en wordt daarin gegarandeerd als onder meer de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van godsdienst en de vrijheid van vereniging. Het adequaat omgaan met de individuele (en ook met de gezamenlijke) vrijheid veronderstelt een morele verantwoordelijkheid, die gevormd en getraind moet zijn om tot de juiste keuzes te komen in het handelen en spreken. Natuurlijk kunnen die keuzes verschillen naar gelang de persoonlijke aard en de voorkeuren van de individuele mens, de maatschappelijke, politieke of economische omstandigheden waarin hij/zij zichzelf aantreft of het levensbeschouwelijke referentiekader dat wordt gehanteerd.

Referentiekader

In voorgaande tijden werd de morele verantwoordelijkheid van mensen mede gevormd door 'de grote verhalen'. Mede, want ook de persoonlijke en maatschappelijke omstandigheden zijn van invloed op hoe de morele verantwoordelijkheid van mensen zich ontwikkelt. Het teloorgaan van de grote verhalen, van de overkoepelende betekenissystemen (zoals christendom, socialisme of humanisme) heeft tot gevolg, dat mensen in de postmoderne tijd hun eigen referentiekader moeten samenstellen, waarmee de moraliteit gevormd kan worden. Of in bepaalde gevallen ook misvormd kan worden. De sociale ondersteuning (al moet gezegd: soms ook de sociale controle) bij het vormen van de morele capaciteiten ontbreekt immers goeddeels.


Het zou niet goed zijn om terug te verlangen naar de soms benauwende sociale controle, als zou deze de morele vorming van mensen kunnen bevorderen. Maar tegelijk moet geconstateerd worden, dat we als samenleving de weg behoorlijk zijn kwijt geraakt op onze zoektocht naar individuele vrijheid. Het ieder-voor-zich staat bij velen inmiddels zo hoog in het vaandel, dat allerlei uitwassen - op het criminele vlak, in de vorm van ongenuanceerd populisme, brutaal graaigedrag en hypocriete beloningen - nauwelijks nog bij te sturen zijn. In deze uitwassen wordt duidelijk, dat het individualisme zonder moreel fundament geen toekomst heeft. In deze betekenis zou gesproken kunnen worden van het faillissement van het individualisme.

Manco

In zekere zin wordt dat ook beseft door politici, als ze over elkaar heen buitelen in allerlei voorstellen voor het aanpakken van deze uitwassen. De 'harde aanpak' is een van de vaak gehoorde suggesties om het gedegenereerde individualisme te beteugelen. Strenger straffen, zero-tolerance, keihard aanpakken: dat zijn de termen die in deze discussie graag en met enthousiasme worden gebezigd. En er wordt vaak ook met even zoveel graagte naar geluisterd. Want heel deze denktrant gaat ervan uit, dat het manco van het individualisme ligt bij de ander. Met de optie van de 'harde aanpak' kun je jezelf gemakkelijk vrijpleiten van de eigen onvolkomenheden in de zoektocht naar een moreel verantwoord individualisme.

Daarom ben ik van mening, dat de voorstellen om voorbij te komen aan de uitwassen van het individualisme slechts tot een effectief resultaat kunnen leiden als de politici (maar ook wetenschappers, journalisten, kunstenaars, bisschoppen, CEO's, leden van raden van bestuur) zich laten kwalificeren als morele leiders. Een moreel leider - in mijn ogen - is iemand die in staat is om, vanuit het besef van zijn eigen kwetsbaarheid, in het maatschappelijke debat een richting te wijzen waardoor de individuele vrijheid wordt gewaarborgd in het kader van de gezamenlijke morele verantwoordelijkheid.


Morele leiders

Het individualisme hoeft wat mij betreft niet failliet verklaard te worden. Wel de ongebreidelde, ongefundeerde en mateloze claim op individuele vrijheid. Deze vrijheid zal alleen kunnen gedijen wanneer ze wordt gezien en beleefd als gebaseerd op de morele verantwoordelijkheid van het individu en van de samenleving als geheel.

Daartoe hebben wij - vandaag misschien meer dan ooit - behoefte aan morele leiders. Wat mij betreft is op dit moment de Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb een van hen. Maar ook iemand als de onlangs tot bisschop van 's-Hertogenbosch benoemde Gerard de Korte. Zij zijn in mijn ogen mensen, die spreken 'als iemand met gezag' (zie Matteüs 7,29).