donderdag 20 maart 2014

Zoeken naar de ziel

Over de relatie tussen kunst en religie


Hoe komt het toch, dat gelijktijdig drie exposities in De Kunsthal in Rotterdam zo uitdrukkelijk aandacht hebben gegeven aan het spirituele aspect van het menselijk bestaan? Het samenvallen van deze drie tentoonstellingen trof ik aan (toevallig of juist niet?), toen ik op zaterdag 7 januari 2012 een bezoek bracht aan de kunstkathedraal in de Maasstad. Aanleiding voor het bezoek was, dat mijn aandacht was getrokken door de aankondiging van de fototentoonstelling 'Religie Nu'.



Fotograaf Eddy Seesing heeft met zijn project 'Religie Nu - Spiritualiteit in Nederland' een boeiend overzicht gemaakt van zeventig verschillende voorgangers in kerkgenootschappen en religieuze tradities. Hij brengt religieuze leiders op gelijkwaardige wijze in beeld, of ze zich nu tot de traditionele kerken en levensovertuigingen bekennen of tot het sjamanisme, of dat ze als zenleraar of als wicca door het leven gaan. Kennelijk zoeken veel meer mensen dan je zou vermoeden een diepere spirituele laag in hun leven, al wordt daarbij in nogal wat gevallen sterk afgeweken van de 'hoofdstroom'.

Verrassend was ook de overzichtstentoonstelling van Stanley Spencer onder de titel 'Schilderkunst tussen hemel en aarde'. In zijn schilderijen laat hij het hemelse een plaats krijgen in aardse situaties en krijgen aardse omstandigheden een hemelse dimensie. Indrukwekkend is het monumentale schilderij 'The Resurrection, Cookham', dat hij situeert op het kerkhof van het dorp waar hij vrijwel zijn hele leven woonde.

En tenslotte was er de expositie 'Geloof, liefde en heimwee': zo'n tachtig werken van Aad de Haas, geboren in Rotterdam maar een groot deel van zijn leven gewoond en gewerkt in Zuid Limburg. Hij is verguisd, maar gelukkig ook volledig gerehabiliteerd om zijn destijds onconventionele kruiswegstaties in de Cunibertuskerk van Wahlwiller.

Koersen op het spirituele

Met deze korte typeringen doe ik geen recht aan de drie kunstenaars, maar het roept wel de vraag op waarom De Kunsthal zo uitdrukkelijk kiest voor exposities met een spirituele inslag. Is voor de hedendaagse mens de grens bereikt van wat techniek en economie tot stand kunnen brengen? Dringt het besef langzaam door, dat het leven van mensen wordt gedragen door andere zaken dan geneeskunde en verzekeringen, die het maakbare tot een bijna onaantastbaar ideaal lijken te verheffen? Mogen 'ongrijpbaarder' kwesties dan communicatietechnologie en dienstroosters invloed hebben op ons bestaan? Als je durft te koersen op het spirituele, het hemelse, het onzichtbare, kan dit dan wellicht op een andere manier en zelfs 'meer' zekerheid bieden dan het saldo op je bankrekening, de afspraken die in je agenda staan of de veelal hardnekkige, maar illusoire mening dat je alles onder controle hebt? Om meer zicht te krijgen op de relatie tussen kunst en religie wil ik inzoomen op het werk van twee van de drie hierboven genoemde kunstenaars.

Religie Nu

Eddy Seesing, Pentecostal Revival Chruch, Amsterdam
De foto's van Eddy Seesing, waarvan er een aantal monumentaal zijn afgedrukt op afmetingen van twee bij drie meter, zijn niet alleen geƫxposeerd in de Kunsthal. Ze zijn ook verzameld in een verzorgd uitgevoerd boek (Religie Nu. Spiritualiteit in Nederland, Bussum 2011). Daarin beschrijft de fotograaf de aanleiding van zijn project: 'Veel mensen in mijn omgeving zien de kerk als een relict en religie als iets abjects. Zij menen dat de kerk overbodig is geworden. We hebben nu toch een overheid die zorg draagt voor de opvang van zieken en zwakken in de samenleving?

Mijn moeder is geboren in 1935 in een rooms-katholiek gezin en heeft nog een verzuild Nederland meegemaakt. Ze was bijna dagelijks in de weer met bezigheden en contacten van de rooms-katholieke Kerk. Zingen en repeteren met het koor, activiteiten met de Katholieke Bond van Ouderen en vrijwilligerswerk. Mijn vader stierf ruim dertig jaar geleden en mijn broers en ik wonen verspreid over Nederland. Zonder de rooms-katholieke gemeenschap in haar woonplaats zou mijn moeder een eenzame oude dag hebben gehad.

Dat geloof en betrokkenheid bij een geloofsgemeenschap in het leven van mensen nog steeds heel veel kunnen betekenen, merkte ik ook toen ik van 2001 tot 2003 werkte aan mijn vorige project, Boughaz, een videoportret van de Marokkaanse gemeenschap in Gouda. Ook daar is het gebedshuis, de moskee, niet alleen het spirituele, maar ook het sociale centrum van hun leven.

De ervaringen van mijn moeder en die van de tijd van Boughaz wilde ik uitwerken in een portret van alle geloven die Nederland rijk is. Het bracht mij in 2004 ertoe om theoloog dr Bert de Reuver, verbonden aan de Universiteit van Amsterdam en daarnaast werkzaam bij de Stichting Kadans, te vragen te helpen om de religieuze/spirituele diversiteit in Nederland in kaart te brengen in een fotoproject. Dit leidde uiteindelijk tot Religie Nu.' (p. 8)

Tussen hemel en aarde

In de catalogus Stanley Spencer. Schilderkunst tussen Hemel en Aarde, (Zwolle 2011) schrijft conservator Alied Ottevanger: 'In de kunst van Spencer gaat het altijd om het uitdrukken van verbanden, om betrekkingen tussen de zichtbare werkelijkheid, het leven van alledag en het leven dat daarachter schuil gaat, of beter gezegd: het leven dat daarin besloten ligt. Zelf omschreef hij dat tweede leven, dat zich op een hoger plan afspeelt, meer dan eens als Heaven, en daarmee bedoelde hij niet zozeer Gods Koninkrijk als wel – en meer in algemene zin – het rijk waar zuivere harmonie heerst. Om de verbanden tussen het aardse en het hemelse uit te drukken schilderde hij herkenbare voorstellingen en figuurstukken. Het zijn taferelen die uit het gewone dagelijkse leven geplukt lijken, maar waarin hij vooral de relaties met het daarin besloten liggende geestelijke domein voelbaar en zichtbaar wilde maken.' (p. 15)

Stanley Spencer, The Resurrection, Cookham

Voedsel voor de ziel

Opvallend in beide citaten is, dat het verband tussen het alledaagse en het spirituele, tussen de zichtbare wereld en wat zich daarachter of daarboven afspeelt, als een zekere vanzelfsprekendheid wordt verondersteld. Religie en spiritualiteit hebben kennelijk een plaats in het gewone leven van veel mensen, al komt dat duidelijk minder in het openbaar tot uitdrukking dan pakweg vijf decennia geleden. Het gegeven echter, dat de Kunsthal gelijktijdig drie kunstenaars onder de aandacht brengt over de relatie tussen religie en spiritualiteit, is een sterke aanwijzing dat de geestelijke behoeften van hedendaagse mensen niet verdwenen zijn. Verre van dat. Met de genoemde exposities krijgt spiritualiteit zelfs op een nieuwe wijze een publiek karakter.

Voedsel voor de ziel wordt niet alleen in kerken, maar ook in andere kathedralen (musea, filmhuizen, soms ook de openbare ruimte) gezocht en gevonden. Misschien dat kerken – meer dan nu vaak het geval is – de blik naar buiten kunnen richten en van de seculiere kunsttempels leren wat de ziel van de hedendaagse mens kan raken. Daarbij hoeft de kerk haar eigen rijke traditie, ook wat betreft uitingen van kunst, niet te verloochenen. Maar het is te verwerpen, wanneer de kerk enkel in de eigen traditie opgesloten raakt. Want de ziel van de mens, waar zowel de kerk en haar voorgangers als de kunstenaars naar op zoek zijn, laat zich niet vangen in een beperkte, gesloten visie op wie het geestelijke leven van de mens beheert.

Deze beschouwing verscheen eerder in mei 2013 in 'Periodiek', het orgaan van de Vereniging voor Pastoraal Werkenden, afdeling Breda.