dinsdag 4 augustus 2015

In de marge

Overweging bij de 14e zondag door het jaar (jaar B)

Lezingen: Ezechiël 2,2-5; Marcus 6,1-6

Een flinke wandeltocht maken: het gaat gemakkelijker als je met een behoorlijke groep bent. In je eentje kan het veel taaier zijn. Als je samen met anderen bent, kun je elkaar aanmoedigen. Je neemt elkaar op sleeptouw. Maar als je alleen loopt, dan moet je het hebben van je eigen kracht, je eigen motivatie, zonder dat je kunt terugvallen op een ander.

Zo is het ook met het verkondigen van een opvatting, die afwijkt van wat gangbaar is. Meedeinen op de hoofdstroom van wat in onze samenleving gebruikelijk is, dat gaat de meeste mensen gemakkelijk af. Je bent als het ware opgenomen in een groter geheel. Je voelt je ondersteund door wat de meeste mensen ergens van vinden. Maar als je er een afwijkende mening op na houdt, dan moet je stevig in je schoenen staan. Je moet over een grote innerlijke kracht beschikken om tegen de stroom in te kunnen roeien. Het vraagt ook wel een zekere moed om af te wijken van wat de meerderheid vindt. Want opereren vanuit de marge is in een bepaald opzicht ook bedreigend voor wat 'men' gebruikelijk wenst te vinden.


Rake voorbeelden

De verhalen over Jesaja en over Jezus, die we vandaag beluisteren, zijn rake voorbeelden daarvan. De profeet Jesaja voelt zich geroepen om stem te geven aan wat God voor ogen staat. Hij leefde in een turbulente periode, waarin het kleine volk Israël staande probeert te blijven te midden van de politieke grootmachten Assyrië en Egypte. De opeenvolgende koningen van Israël willen steun zoeken bij nu eens de ene, dan weer de andere overheersende natie. Maar Jesaja verkondigt een afwijkend standpunt: de koning moet niet vertrouwen op menselijke of politieke overwegingen, maar op wat God voor ogen staat.

Deze dwarse opstelling van Jesaja is meer dan alleen maar een toevallige ingeving. Jesaja vertelt immers: 'In die dagen kwam de Geest over mij.' Jesaja is dus een man met inspiratie, iemand die gedreven wordt door een sterke innerlijke overtuiging. Hij weet, dat hij met zijn standpunt ingaat tegen de politieke spelletjes van de koning en zijn raadgevers. Maar juist daarom is het nodig dat hij de kracht van de Geest ervaart als een innerlijke bron voor zijn woorden en daden.

Geestkracht

Diezelfde geestkracht kunnen we ook vermoeden bij Jezus, als hij in zijn vaderstad onderricht geeft in de synagoge. Wat hij te zeggen heeft en wat hem te doen staat, dat roept kennelijk weerstand op bij de mensen die hem kennen. Misschien is het wel juist dit ons-kent-ons-gevoel van zijn stadgenoten, dat Jezus verhindert om zijn werk te doen. Jezus heeft hier duidelijk te maken met de invloed van: doe maar gewoon, dan doe je gek genoeg. Hij steekt om zo te zeggen zijn kop boven het maaiveld uit. En dat wordt niet gewaardeerd. Het gebrek aan geloof is er de oorzaak van, dat Jezus maar nauwelijks genezing kan brengen aan de mensen in Nazaret; slechts een enkeling heeft voldoende vertrouwen in hem.

Dat er toch een klein aantal genezingen mogelijk is, laat zien dat Jezus zich niet van zijn stuk laat brengen. Zijn geestkracht is groter dan de weerstand, die hij bij zijn stadsgenoten oproept. Zijn sterke inspiratie, zijn innerlijke overtuiging maakt het mogelijk, dat hij zijn goede werk kan blijven doen – al is het ook vanuit de marge.

Als gelovige mensen lijken wij in de huidige tijd ook wel te moeten werken vanuit de marge. Voor veel mensen is geloven tegenwoordig not done. Wil je een beetje meetellen vandaag de dag, dan hang je niet aan de grote klok dat je je inlaat met 'een zekere Jezus'. Dan ga je niet in zee met iemand wiens leven eindigde als een debacle: een vernederende executie aan het kruis.

In de marge

En toch zijn er mensen, die deze positie in de marge verkiezen boven de comfortabele plek in de hoofdstroom van onze samenleving. Er zijn mensen, die blijven geloven in de kracht van barmhartigheid. Er zijn mensen, de kracht van de liefde verkiezen boven het behalen van zichtbare resultaten. Er zijn mensen, die het werken aan echte gerechtigheid belangrijker vinden dan het behalen van een politieke meerderheid. Er zijn mensen, die hun kop boven het maaiveld willen uitsteken, ook al komt het hen te staan op onbegrip en hoon. Er zijn mensen, die het ongemerkte, maar geregelde bezoek aan een eenzame dorpsgenoot belangrijker vinden dan publieke erkenning. En er zijn mensen, die blijven geloven in het onopgemerkte gebed voor de noden in de wereld, dat net zo hard nodig is als de activiteit van mensen die zich inzetten voor het behoud van de aarde waarop wij leven.

Bewust kiezen voor een positie in de marge: dat is niet de meest comfortabele optie. Maar het getuigt wel van een sterke overtuiging, die gevoed wordt door geloof en vertrouwen. En misschien heeft onze tijd daaraan wel meer behoefte dan aan nog meer van hetzelfde.